Private Banking

Europa boekt grootste winst in vergelijking met Amerikaanse aandelen ooit

Na jaren in het verdomhoekje lijken de Europese beurzen eindelijk wat van hun glans terug te vinden, net op een moment dat er maar geen einde lijkt te komen aan de daling van de Amerikaanse technologiereuzen.

In het vierde kwartaal hebben Europese aandelen hun grootste vooruitgang in verhouding tot Amerikaanse aandelen ooit geboekt: een indrukwekkende 13% in dollar en 11,7% in euro (zie grafiek). En de trend lijkt ook in het nieuwe jaar voortgezet te worden. Sinds eind september is de Stoxx 600 met 17% gestegen in euro, in vergelijking met een verlies van 2,8% voor de S&P 500.



Dit is ook de institutionele beleggers niet ontgaan. Sommigen verhoogden hun koersdoel voor Europese aandelen, omdat er volgens hen al een daling van 15% van de bedrijfswinsten in de koersen verwerkt zit. Ondanks de rally blijven de Europese aandelen goedkoop in vergelijking met Amerikaanse aandelen. De verwachte koers-winstverhouding voor de S&P 500 (K/W) van ongeveer 17,2 is nog altijd veel hoger (37%) dan de 12,5 van de Stoxx 600. Dit percentage bevindt zich aan de bovenzijde van de bandbreedte van de afgelopen 17 jaar en is ongeveer het dubbel van de gemiddelde premie van 20% tijdens de periode (zie grafiek). De K/W van de Stoxx 600 wijst erop dat beleggers nog altijd verwachten dat de Europese Centrale Bank (ECB) de rente vanaf de tweede helft van het jaar niet meer zal verhogen, en dat de winstgroei dit jaar goed stand zal houden. Nu de inflatie in de eurozone voor de eerste keer sinds augustus onder de tien procent is gezakt (9,2% tegenover 10,1% in november), groeit de hoop dat de grootste stijging van de consumentenprijzen ooit in de regio nu wel voorbij is. Misschien dat de ECB daarom halverwege het jaar zal beslissen om een einde te maken aan de meest agressieve opeenvolging van renteverhogingen in zijn geschiedenis.


Maar het gaat om meer dan alleen maar de waardering. Ook de forse terugval van de volatiliteit komt Europa goed uit, dankzij meevallers zoals de zwakkere dollar en signalen van een heropening en stimuleringsmaatregelen in China, en gas- en elektriciteitsprijzen die dalen naar het niveau van voor de oorlog. Door de milde temperaturen van de voorbije weken is de vraag naar elektriciteit en gas gedaald. Dit doet de prijs zakken en maakt dat Europa de winter wellicht zonder grote tekorten zal overleven. Frankrijk kan in dat opzicht een handje helpen: het land is de inzetbaarheid van de kernreactoren die in handen zijn van de staat aan het verhogen, na maandenlang last te hebben gehad van lange stroomonderbrekingen. Dit zou een hele opluchting zijn voor Europa dat met een ongeziene energiecrisis kampt. De beschikbaarheid van de 56 reactoren van Electricité de France is gestegen tot 73%. Dat is het hoogste cijfer sinds februari en een sterke stijging ten opzichte van het dieptepunt van circa 40% in augustus! Deze extra reactoren zijn een nieuw Europees wapen in de strijd tegen de energieschaarste, nu er minder glas vanuit Rusland naar Europa vloeit.

Tegelijkertijd wordt de VS momenteel benadeeld door net die sector die aan de basis lag van de monsterwinsten van het afgelopen decennium: de grote techreuzen die zwaar doorwegen in de index. Sterker nog, als we Tesla, Amazon, Apple, Alphabet, Microsoft en Meta buiten beschouwing laten, presteerde de S&P 500 ongeveer even goed als de Stoxx 600 sinds het einde van het derde kwartaal, uitgedrukt in de lokale munt, terwijl de Dow Jones Industrial-index zelfs beter presteert dan de Europese sterindex. Dat er zo veel sterk presterende value-aandelen te vinden zijn in Europa speelde het voorbije jaar duidelijk in het voordeel van de regio, en de trend is nog lang niet ten einde. De winstmarge van de grote technologiereuzen zal immers verder dalen, en nadeel ondervinden van de hogere grondstoffenprijzen en reële rentevoeten.

 


Ook de bedrijfsresultaten spelen in het voordeel van Europa. Hoewel de winstprognoses voor Europese bedrijven in de voorbije maanden niet langer die van hun Amerikaanse tegenhangers overtreffen, gaapt er een grote kloof tussen hun relatieve koersen, die pas heel recent kleiner begint te worden. De Europese beurzen kunnen zich later dit jaar loskoppelen van de lagere winstprognoses, zodra de inflatie een piek bereikt heeft en de centrale banken de rente niet meer verhogen.


Toegegeven, niet iedereen is ervan overtuigd dat de rally in Europa zal blijven duren. Sommige waarnemers menen dat de regio heeft geprofiteerd van een daling van de risicoaversie en nog altijd aankijkt tegen een hardnekkig hoge kerninflatie (5%) en een gecombineerde PMI-index die wijst op economische krimp (48,8). Ze waarschuwen dat als de kerninflatie in 2023 hoog blijft in de eurozone, en de ECB de rente op 3,5% handhaaft (en de economie zo dieper in een recessie duwt), de verwachte K/W-ratio van de index mogelijk opnieuw zal flirten met het dieptepunt van 10 van in september.